
Het Italiaanse modehuis N21, met Alessandro Dell’Acqua aan het roer, wil met de nieuwe modecollectie voor herfst winter 2026 een duidelijke boodschap overbrengen: vrouwelijk, maar dan echt. Geen geforceerde constructies, geen overbodig drama, maar echte vrouwelijkheid, dagelijks, modern en zich bewust van zichzelf.
Met de modecollectie van N21 voor herfst winter 2026 zet Alessandro Dell’Acqua een collectie neer die alle kenmerken heeft van een arthousefilm: gelaagd, verfijnd en emotioneel. Kunst, cinema en herinneringen komen samen. Maar bovenal draait het om menselijkheid.

De inspiratie begint bij twee sterke beelden. Aan de ene kant Sophie Calle met haar boek The Hotel: drie weken undercover in een Venetiaans hotel, waar ze vergeten voorwerpen en achtergelaten kleding fotografeert – stille sporen van onbekende levens. Vrouwelijke fragmenten verteld via kleine details. Aan de andere kant de slotscène van 8½ van Federico Fellini: een bijna dromerige cirkel die creatieve chaos verandert in iets dat klopt. “Is dit het einde?” Nee. Hier begint het juist.
En precies dat is de kern: deze collectie sluit niets af, ze opent iets nieuws.

Dell’Acqua spreekt over vrouwelijkheid zonder lagen of maskers, maar mét bewustzijn. De blik is nieuwsgierig, bijna observerend, maar nooit opdringerig. Het gewone wordt bekeken – en gevierd.
De silhouetten verwijzen naar de jaren veertig, vertaald naar nu. Zwart voert de boventoon. Niet als een sombere kleur, maar als een neutrale basis. Als een wit blad. Als een nieuw begin.
De start is zuiver: een witte herenblouse, een broek in popeline met lichte wol, een zwarte twinset. Minimalistisch? Op het eerste gezicht wel. Daarna ontstaat een geraffineerd spel tussen strengheid en sensualiteit.

Jurkjes met wijde mouwen en een witte kraag doen streng aan, maar worden gevolgd door avondbustiers, leren jassen over korte cropped blouses, en rokken in kant en chiffon. Een kanten slipdress komt onder luchtige lagen vandaan, een chiffon cape beweegt licht mee. En dan plots een contrast: mannelijke tailleurs, oversized jassen met kimonomouw, een kokerrok met peplum en kort jasje met diepe halslijn, zwarte pailletten en een bustier met dubbele bh in zwart en roze.

Het is een garderobe die balanceert tussen discipline en instinct. Tussen structuur en zachtheid. Tussen controle en kwetsbaarheid.
De details maken het af: bontkragen afgewerkt met roze satijn, stoffen die lijken op goud gelamineerd papier, strikken op avondjurken, een double coat, anoraks in satijn met opvallende geometrische prints. Elk kledingstuk heeft een eigen karakter, een eigen sfeer. Een echte “menselijke variabele”.

Accessoires zijn hier geen bijzaak, maar een statement. Glitterpumps in zwart of zilver met satijnen punten in wit, roze of beige. Gouden bloemoorbellen. Tweekleurige ceinturen in duchesse. Gebreide handschoenen. En dan is er Cabiria: de tas van het seizoen, in medium formaat – een naam die naar de gelijknamige film verwijst, maar hier vooral staat voor pure aantrekkingskracht.

Deze collectie wil niet provoceren en zoekt geen shockeffect. Ze observeert. En vertelt zo het verhaal van een echte vrouw. Veranderlijk. Onperfect. Authentiek. Zoals films die niet eindigen bij de aftiteling, maar precies daar pas beginnen.















